Know your farmer: nootmuskaatboer Muslima 20/02/2019

Ultieme transparantie: weten wie je eten verbouwd heeft. Met de nieuwe blockchainapplicatie van Verstegen Spices & Sauces en Fairfood, leer je de boeren achter je nootmuskaat kennen – Tony, Pransisko, Hertje en Jamal bijvoorbeeld… Vanaf mei koop je de nootmuskaat bij Coop en zie je van alle boeren hoeveel ze verkochten en of zij van hun waar een beetje behoorlijk rond kunnen komen. We zochten alvast een paar boeren op, om meer over hen, hun onderneming en dromen te weten te komen. Vandaag: Muslima.

Via een kronkelweggetje met aan weerszijden hoge kokosbomen bereiken we het bescheiden huis van Muslima (54). Op de veranda zit ze al op ons te wachten, voor het winkeltje dat ze aan haar huis gebouwd heeft. Het is volle bak. Muslima woont samen met haar man, twee nichtjes (25 en 12 jaar oud) en de 14-maanden oude baby haar nichtje. In een oude babybox liggen geurige nootmuskaat en foelie te drogen, op de veranda slaapt een piepkleine kitten onverstoorbaar door het rumoer heen. Er worden snel nog wat stoelen voor ons bijgetrokken.

Muslima is de trotse eigenaar van zo’n 100 nootmuskaatbomen, 78 kruidnagelbomen, iets meer dan 300 kokosbomen en dus een klein winkeltje – allemaal op loopafstand van haar huis op de Indonesische Sangihe-eilanden. Haar land en bomen heeft ze grotendeels van haar vader geërfd, die ze op zijn beurt van zijn ouders erfde. “Vanaf mijn 9e begon ik mijn vader geregeld te volgen wanneer hij naar de plantages ging. Daar leerde ik elke boom kennen en heb ik de kunst afgekeken van het nootmuskaat, kokos en kruidnagel verbouwen.” Pesticiden en kunstmest gebruikt ze volledig volgens de traditie van haar voorouders niet.

Muslima’s nichtje en achterneefje

Zelf kocht Muslima er in 1980 nog eens een hectare land bij. Iets dat goed past bij haar ondernemersgeest. Ze is even lief en hartelijk als pittig en bijdehand. Soms treedt ze ook op als ‘collector’, als ze waar van andere boeren in de regio inkoopt om die vervolgens door te verkopen. Een tijdje geleden kocht ze nog verschillende zakken kruidnagel in, waarna ze de prijzen dramatisch zag dalen. Constant belt ze rond, en vraagt ze op de lokale markt of aan vrienden, familie en kennissen hoe het er momenteel voor staat. Zo doet ze dat met al haar producten: ze probeert altijd op de hoogte te zijn van de ontwikkelingen op de markt.

In 2016 vond ze een andere manier om haar inkomen te doen groeien: ze begon haar nootmuskaat te verkopen aan TokoNangka, de partner van Verstegen Spices & Sauces. “Via hen kreeg ik toegang tot nieuwe informatie over kwaliteit. Inmiddels is 70 procent van mijn nootmuskaatoogst van de hoogste kwaliteit. Op die manier verdien ik meer geld.” De overige 30 procent brengt ze eens in de zoveel tijd met een taxi naar de lokale markt.

Vanaf mijn 9e begon ik mijn vader geregeld te volgen wanneer hij naar de plantages ging. Daar leerde ik elke boom kennen.

We vragen haar of ze weet waar de nootmuskaat die ze aan TokoNangka verkoopt naar toe gaat. “Nederland en Japan”, antwoordt ze resoluut. Dat heeft ze allang een keer gecheckt bij de inkopers van TokoNangka. Wat ze haar daar niet konden vertellen, maar wij dan weer wel, is wat we in Nederland met haar nootmuskaat doen. “In koekjes?”, vraagt ze verbaasd. “Die moet ik hebben voor in m’n winkel!” Je bent een ondernemer, of je bent het niet.

Er nadert een brommer; Muslima’s man is klaar met lesgeven op de basisschool in het dorp. “Volgend jaar gaat hij met pensioen”, vertelt ze. Ze wijst naar kleine plantjes in zwarte plastic zakken, die naast de veranda staan. “De stekjes die je daar ziet staan, mag hij dan onder z’n hoede nemen.” Ze lacht ondeugend naar haar man. Als ze allebei te oud zijn om op de plantages te werken, gaat Muslima zich fulltime op haar winkeltje storten. “Die wil ik dan uitbreiden. Ik hou niet van stilzitten.”

Ze staat op en loopt haar winkeltje in, waar we haar een iPhone zien pakken die naast de kassa ligt. “Deze heb ik een tijdje geleden gekocht, maar ik weet nog niet zo goed hoe ‘ie werkt.” Ze gebruikt voorlopig nog even haar dumb phone, maar denkt dat het grote voordelen voor haar onderneming kan hebben als ze straks met de iPhone overweg kan. Muslima probeert een foto van ons te maken, maar legt de telefoon maar weer weg als dat niet lukt. Hier gaat ze zich later nog eens over buigen – je bent nooit te oud om te leren.

We vragen haar waarvoor ze het allemaal doet. “M’n dochter!”, antwoordt ze. “Ze is 17 en woont en studeert nu op het vaste land, in Manado, om zuster te worden.” Een groot deel van haar inkomen gaat naar haar onderwijs, vertelt ze. En ze spaart ook alvast voor haar bruiloft. Muslima’s grootste droom? Dat haar dochter later succesvol is, dat ze een beter leven dan haar moeder heeft. Of zij dan geen goed leven heeft? Ze lacht bescheiden: “Ik wil dat m’n dochter meer geld verdient, zodat ze een nóg beter leven heeft.”