Koffiepraat: Good Beans 04/12/2018

Tijdens onze WAKEcUPCALL-campagne kwamen we nogal wat gedreven, idealistische koffiemakers tegen – we noemden ze de koplopers. In deze interviewserie delen we hun verhaal. Vandaag: communicatiestagiaire Dylan drinkt een bakkie met Cody Reid-Dodick, een van de eigenaren van Good Beans.

Terwijl ik me op de fiets richting Good Beans begeef – hartje Amsterdam – probeer ik me hun koffiezaak voor te stellen, waar ze onder meer blikken van hun eigen koffie verkopen. Die doopten ze ‘Fucking Strong Coffee’. Ik verwacht een steriele, hippe, ‘flashy’ winkel, waar mensen een snelle espresso to-go bestellen, voordat ze weer op de fiets springen en in het Amsterdamse verkeer opgaan.

Ik had er niet meer naast kunnen zitten. Good Beans is een gezellig, uitnodigend en pretentieloos café. Achter de bar zie ik Cody staan, die gezellig met een klant staat te kletsen terwijl hij een koffie bereidt. Zoals Cody me kort daarop vertelt, zijn de twee grote pilaren van Good Beans laagdrempeligheid en ethisch inkopen: “De missie van Good Beans is om ethisch ingekochte specialty coffee laagdrempeliger te maken.” Wat dat ethisch inkopen betreft, is Good Beans al behoorlijk goed bezig – maar daarover later meer. Laagdrempeligheid betekent voor Good Beans vooral dat ze open, eerlijk en pretentieloos communiceren over de manier waarop ze inkopen – Good Beans is niet voor de snob.

De koffie van Good Beans is dan weer net zo indrukwekkend als hun missie. Cody’s baristakunsten doen niet onder voor die van een barista in een high-end koffiezaak. Terwijl hij me aan het vertellen was over hun missie, heeft hij nonchalant een perfecte cappuccino in elkaar gedraaid. Terwijl ik m’n eerste slok neem, snap ik opeens waarom ze hun label ‘Fucking Strong Coffee’ noemden.

Ondanks zijn benijdenswaardige baristaskills, is ethische sourcing absoluut Cody’s nummer 1 passie. En dat zie je dus terug in de werkwijze van Good Beans. Good Beans is van het soort niet lullen, maar poetsen. Dat vinden we bij Fairfood dan weer leuk. Recentelijk reisde Cody af naar Rwanda, om kennis te maken met de boeren achter hun koffie. Terwijl hij me daarover vertelt, benadrukt hij het belang van hechte relaties met kleinschalige koffieboeren, en het bouwen aan duurzame, ethische partnerschappen.

Van de bron

Good Beans koopt al hun koffie in bij een boerencollectief in Gakenke, Rwanda: Twongerekawa Coko. Daar zijn in totaal 300 kleinschalige boeren bij aangesloten. Koffie wordt in Rwanda vooral verbouwd ten noorden van de hoofdstad, Kigali. Het collectief waar Good Beans mee samenwerkt is anderhalf uur ten noord-westen van Kigali te vinden. Door hun koffie bij het collectief in te kopen, levert Good Beans een belangrijke bijdrage aan de emancipatie van de kleinschalige boeren.

Cody vertelt hoe inspirerend hij het vond om te zien wat voor positieve verandering het collectief in de lokale gemeenschap teweegbrengt – de bouw van een school die zich specialiseert in ondernemerschap, vrouwelijke vertegenwoordiging in belangrijke raden. “Het is een testament aan collectief eigenaarschap en voor ons een bevestiging dat we met het juiste collectief werken. Dit collectief heeft niet alleen een focus op de gemeenschap, maar is van de gemeenschap”, vertelt Cody. Wanneer er beslissingen gemaakt moeten worden over nieuwe investeringen, heeft de hele gemeenschap inspraak. De focus ligt daarbij altijd op het vooruit helpen van die gemeenschap.

Verbindingen maken

Good Beans wil de manier waarop we over koffie praten veranderen. Ze gaan verder dan het inmiddels toch wat cliché ‘we geven om onze boeren’. Good Beans geeft de hele structuur achter de koffie de aandacht die die verdient. Cody wijst me op een vrij voor de hand liggende disconnectie die we toch vaak over het hoofd zien: degenen die koffie drinken, weten meestal niet wie het verbouwt, en degenen die het verbouwen, weten niet wie het drinken. Good Beans wil bruggen slaan en actief bouwen aan nieuwe verbindingen binnen de koffie-industrie – doet dit je misschien denken aan een zekere WAKEcUPCALL-campagne?

Cody vertelt hoe hij tijdens zijn bezoek aan het collectief in Rwanda zelf gezien heeft hoe belangrijk zulke handelsrelaties zijn. “Er gaat zoveel schuil achter één kopje koffie – de enorme hoeveelheid arbeid, toewijding en logistiek. Dan zijn er nog de politieke en economische uitdagingen… Er kan nog zoveel bereikt worden in de koffie-ketens.”

Zowel Good Beans als het boerencollectief profiteren van een relatie die gebaseerd is op wederzijds respect. “Alleen het feit dat we een premium op de gebruikelijke prijs betalen, betekent niet dat wij ook iets te zeggen hebben over de bestemming van die premium” vertelt Cody. Inmiddels weet hij dat het collectief de premium besloot te steken in de ontwikkeling van een duurzame en innovatieve irrigatietechniek, het creëren van werkgelegenheid voor vrouwen en de bouw van de school waar het eerder al over ging.

De toekomst

Ik vraag me na Cody’s inspirerende verhaal af hoe de mannen van Good Beans hun eigen toekomst zien. Als ik ‘m daarnaar vraag beginnen Cody z’n ogen nog net niet te schitteren. Allereerst benadrukt hij dat zijn partners en hij zeker geen ‘koffie-evangelisten’ zijn. Ze hebben een bredere visie dan gewoon ‘goede koffie’, en kijken naar het hele plaatje. Zijn ultieme visie is dan ook dat Good Beans op een dag zelf een soort ‘certificaat’ wordt. een certificaat dat je vertelt dat de koffie die je in handen hebben voldoet aan de principes en standaarden van Good Beans.