Koffiepraat: Gosling Coffee 19/11/2018

Tijdens onze WAKEcUPCALL-campagne kwamen we nogal wat gedreven, idealistische koffiemakers tegen – we noemden ze de koplopers. In deze interviewserie delen we hun verhaal. Vandaag: communicatiestagiaire Jessa ging op de koffie bij Bonnie van Poortvliet en Dick van den Heuvel, het duo achter koffiebranderij Gosling Coffee.

Waar denk je aan als je het woord Gosling hoort? Ik denk meteen aan Ryan, als in Ryan Gosling, die mega-aantrekkelijke acteur uit Hollywood. De man die mij elke keer weer tranen met tuiten bezorgt als The Notebook opstaat. Op de fiets naar Gosling Coffee, een jonge Amsterdamse koffiebranderij, vraag ik mezelf dan ook af of hun naam op deze grote ster gebaseerd zal zijn. Maar niets blijkt minder waar.

“Gosling is het Engelse woord voor een pasgeboren gansje”, vertelt Bonnie lachend. “Ganzen kunnen niet alleen leven; ze hebben elkaar nodig om te overleven.” Een mooie levens- en werkfilosofie. “Bij Gosling geloven we in de kracht van samenwerken. Met koffieboeren, met klanten, met andere koffiebranderijen en -importeurs. Als we mét elkaar werken in plaats van tegen elkaar, staan we veel sterker. Zo kunnen we een grotere slag slaan als het gaat om de leef- en werkomstandigheden van koffieboeren en de kwaliteit van koffie.”

Het is me duidelijk: Bonnie en Dick zijn koffieliefhebbers pur sang maar hebben Gosling Coffee toch echt vooral opgericht vanuit ideologische overwegingen. “Koffie is zeker niet alleen maar business voor ons”, bevestigt Bonnie. “Als we de mogelijkheid hebben om iets bij te dragen aan de levens van de koffieboeren, of aan de koffiewereld in het algemeen, vind ik dat we dat verplicht zijn.”

Uiteindelijk moest de boer zijn koffie naar de veiling brengen, om deze vervolgens tegen een bodemprijs te verkopen. Dat was echt niet leuk.

Geen berg te hoog

De koffiebonen die bij Gosling worden gebrand, worden meestal direct bij de koffieboer ingekocht. In de zoektocht naar de lekkerste koffies is geen berg te hoog voor het tweetal: soms moeten ze uren lopen om bij de koffieboer van hun keuze te komen. Ik vraag ze naar de voordelen van direct trade: “Als we de bonen persoonlijk bij de boer inkopen, houden we de meeste controle over de smaak en kwaliteit van onze koffies, iets dat we natuurlijk ontzettend belangrijk vinden. Daarnaast betalen we de boer rechtstreeks en weten we dus precies hoeveel de boer aan z’n koffie heeft verdiend”, legt Bonnie uit.

Het blijkt echter nog best een uitdaging te zijn om alle koffie direct in te kopen. Bonnie en Dick werken vaak samen met kleinschalige koffieboeren die maar een paar zakken koffie produceren. Zo vertellen ze me bijvoorbeeld dat ze dit jaar de héle oogst van een koffieboerencoöperatie uit Uganda hebben gekocht: slechts 45 zakken en nog geen kwart container. “Het zou gekkenwerk zijn om een ongevulde container naar Nederland te laten komen. Dat is veel te duur en bovendien zijn we geen experts op het gebied van logistiek, verklaart Dick. “Dit is waarom samenwerking zo belangrijk is; we hebben een koffie-importeur nodig die ons helpt om deze koffie naar Nederland te verschepen. Gelukkig hebben we een paar importeurs bereid gevonden om een plekje in hun container te reserveren voor onze koffie. We betalen hen een fee voor de administratieve afhandeling en het transport, maar wij beslissen uiteindelijk welke koffie er meegaat en hoeveel de boer voor zijn bonen krijgt. Hier zijn we natuurlijk super blij mee!”

Bonnie van Poortvliet (foto via @goslingcoffee)

Niet leuk

Maar het gaat ook weleens anders. Een tijdje geleden hadden de koffiebranders bijvoorbeeld hun zinnen gezet op en heel mooie kwaliteitskoffie van een kleinschalige boer. “We hadden zelfs al een klant gevonden in Nederland die de koffie wilde afnemen”, vertelt Dick. “Jammer genoeg viel het logistiek gewoon niet te regelen. Uiteindelijk moest de boer zijn koffie naar de veiling brengen, om deze vervolgens tegen een bodemprijs te verkopen. Dat was echt niet leuk.” Dit is dan ook precies waarom Dick en Bonnie hopen dat er in de toekomst steeds meer koffie-importeurs open zullen staan voor koffiebranderijen die hun eigen koffies willen uitzoeken en direct bij de boer willen inkopen.

Dick legt uit: “Veel koffie-importeurs nemen liever alleen hun eigen koffies mee naar Nederland. Deze verkopen ze vervolgens via een catalogus aan de Nederlandse koffiebranderijen. Met deze business valt een flinke boterham te verdienen omdat de importeur de prijs bepaalt, voor zowel de koffieboer als voor de Nederlandse consument. Wij denken dat dit anders moet. We willen de marge van de importeur opsplitsen en eerlijker verdelen. Een deel moet naar het inkomen van de koffieboer, zodat hij kan voorzien in zijn levensonderhoud en in de toekomst koffie kan blijven verbouwen en verkopen. Een ander deel moet naar de klant gaan, zodat ze een acceptabele prijs kunnen betalen voor eerlijke koffie.”

Ze willen dat we aan de wereld laten zien dat ze bestaan, dat ze écht goede koffie hebben en dat ze alles willen doen om hun koffies nog beter te maken.

Soft

“Koffie-importeurs hebben veel macht binnen de koffieketen en denken misschien dat wij een bedreiging voor ze zijn”, vertelt Bonnie. “Maar wij willen een win-win situatie voor iedereen! Voor de boer, de consument, onszelf, maar óók voor de koffie-importeur. Wij bieden de importeur een gegarandeerde afzet – koffie die al verkocht is voordat ze de container ingaat – zodat er geïmporteerd kan worden zonder risico. En daarnaast betalen we ze natuurlijk voor hun service. Als ze op deze manier werken, kunnen er veel meer kleine koffiebranderijen hun eigen koffie gaan sourcen bij kleinschalige koffieboeren. Wij kennen er wel een paar die staan te springen hoor! En zo kan de importeur uiteindelijk misschien zelfs nog meer containers vullen dan ze nu doen.”

“Uitdaging of niet, wij gaan gewoon met opgeheven hoofd door met onze missie”, aldus Bonnie. “Toen we vorig jaar door Uganda trokken, waren de koffieboeren zó blij om ons te zien. Ze willen dat we aan de wereld laten zien dat ze bestaan, dat ze écht goede koffie hebben en dat ze alles willen doen om hun koffies nog beter te maken. Als ik dat hoor, raak ik gewoon ontzettend gemotiveerd. Het klinkt misschien een beetje soft, maar ik ben echt verliefd geworden in Uganda.”

Op de fiets terug naar kantoor bedenk ik me dat Bonnie allesbehalve soft is. Een vrouw die zich – ondanks behoorlijk wat obstakels – vol overtuiging inzet voor een eerlijkere koffieketen. Daar moet je hard voor zijn.